Wachtwoord? | Registreren
Home » Backstage » Column

COLUMN

Columns 1 t/m 4 - Totaal aantal columns: 18
Hetzelfde applaus in de HMH?
Geplaatst door: Jan Douwe Kroeske  20-07-2010 at 10:55:00 

Afgelopen week las ik in verschillende kranten en muziekbladen verschillende verhalen over 2 bands die samen 1 vriendschap delen: Het zwaar bewierookte Elbow helpt het ondergewaardeerde I Am Kloot in de studio. Resultaat: het beste album van I Am Kloot tot nu toe. En de vriendschap is niet kapot, sterker: die is door de samenwerking tussen Elbow-zanger Guy Garvey en zijn Kloot-compaan Johnny Bramwell alleen maar verdiept. Het kan dus toch nog anno 2010, ontdaan van welke geldzucht,roem of afgunst dan ook, samen een mooi product maken. Misschien komt het omdat ik bevooroordeeld ben over I Am Kloot: het werd wel tijd dat er iemand opstond om dit stel getalenteerde Noord-Engelsen een duwtje in de goeie richting te geven. Als Kloot-volger hoopte ik iedere keer dat het goed kwam met deze band, maar het gebeurde maar niet. Waarom? Misschien is I Am Kloot wel te gewoontjes, niet in hun muziek, maar wel in hun gedragingen. Dat lees je ook wel terug in alle verhalen over de totstandkoming van het nieuwe album "Sky at Night". Zanger Johnny Bramwell is niet opgetogen blij met zijn nieuwe album, hij is evenmin gedesillusioneerd door de teruglopende plaatverkopen in het algemeen en ook niet de gladgepolijste verkoper van zijn product. Hij is wie die is: een eenvoudige, wat sombere liedjesschrijver die toevallig een helpende hand heeft gekregen in de studio van z'n grootste fan, Elbow-zanger Guy Garvey.....En dat nu is ineens een belangrijke trekker voor de nieuwe plaat. De winnaar van een fameuze Engelse prijs (Mercury Prize 2008) stopt z'n energie in mooie liedjes, betrokken muzikanten en, zoals ik al eerder aangaf, eeuwige vriendschap.

Ik mocht al een keer of vier met I Am Kloot een 2 meter-sessie opnemen. Vanaf 2001 kwamen ze iedere keer trouw opdagen. De meest memorabele van de vier ontmoetingen blijft de eerste keer. 2 Meter Sessies zat toen in een voormalig sigarengebouw achter de Amsterdamse Wallen en zond uit bij KinkFM. In het opslaghok in de kelder was een professorische studio gebouwd, met er naast een nog professorischer bandjesruimte, type fietsenhok. Gelukkig rekenden we in die tijd ons rijk met de superinventieve technicus Misha, die zelfs in een fietsenhok goed geluid kon bakken. In die situatie stapten de jongens van I Am Kloot de studio binnen, met zanger Johnny Bramwell voorop. Ze zagen de lol wel in van een naar sigaren stinkende uitzendruimte en begonnen al giechelend aan hun live-set. Met z'n allen waren we even vergeten dat Bramwell op een meter afstand van een ouderwetse airco stond, die ijzige kou afgaf. Halverwege het eerste nummer barstte Johnny in een niesbui uit, die hem de vier volgende nummers bleef achtervolgen. Het giechelen ging over in hardop lachen en half-zingend, half-lachend en ingehouden niezend werkte de I Am Kloot-zanger zich door de nummers heen. Na afloop van de live-uitzending vroeg de bandmanager om een kopie van de uitzending, want "Leuk voor later". Elke volgende ontmoeting informeerde Bramwell standaard naar onze studio en de airco....Ik heb 'm kunnen geruststellen, want we zijn al weer hoog en breed uit het fietsenhok...

Log in om verder te lezen...
0 reacties
Popmuzikanten en geldzaken
Geplaatst door: Jan Douwe Kroeske  29-06-2010 at 16:55:03 


Ik praat maar zelden met popmuzikanten over geldzaken. Dat komt omdat we in de eerste plaats beleefd blijven en in tweede plaats omdat geld vaak iets is tussen management en bandleden. Dus: een journalist buigt zich daar niet over. Toch krijg je af en toe de gelegenheid. En dan moet je 'm gewoon pakken, vind ik.

Die gelegenheid diende zich vorige week aan, toen ik voor de derde keer in korte tijd met Petter Ericsson Stakee van Alberta Cross in opname was. We stonden, zoals dat zo mooi heet even " in de wacht". We zouden het tv-interview bij de 2 Meter Sessie doen, maar de cameraploeg was de boel nog aan het ombouwen, ik stond in de toilet van de HMH m'n kleding en make-up te doen. Op dat moment wandelde Petter voor een plas binnen. Hij glimlachte, zei me dat ik een mooi jasje aan had en ik vroeg of ie tevreden was met de muziekopname......"Ja, heel.....dit hebben we nodig...ik hoor net dat we in Nederland nu zo'n 1.000 cd's hebben verkocht, dus elke vorm van promotie voor onze muziek is geweldig en ook broodnodig!.....". Op mijn vraag of ie niet tevreden was met die 1.000 verkochte cd's kreeg ik een bevestigend antwoord. "Maar wat we willen is groot en beroemd worden, dus dan moet je naar de grote aantallen. En juist hier in Nederland, want ik hoor maar al te vaak dat je in Holland moet doorbreken om de rest van de wereld te kunnen veroveren.....". Nederland als gidsland, Balkenende zou trots zijn op Ericsson!

Het toilet-gesprek kreeg ineens een wending toen ik 'm vroeg of ie al geld aan het verdienen was. Nee, was het stellige antwoord...."we moeten veel eigen geld meenemen, voor reizen, plaatopnames en dan hebben we ook nog ons vaste lasten thuis. Dus om nou te zeggen dat we geld overhouden van onze hobby, mhh.....nee, nog niet. Maar dat komt binnen nu en 2 jaar. Dan gaan we het grote geld verdienen.....".

Log in en lees verder
0 reacties
We zien elkaar in de finale van het WK: Holland-Nieuw Zeeland!
Geplaatst door: Jan Douwe Kroeske  21-06-2010 at 19:36:04 

In mei 1987 nam ik de eerste 2 Meter Sessie op met de Nieuw-Zeelandse band Crowded House. De band was toen net begonnen, deed voor het eerst promotie voor een single die er net lag ("Don't dream it's over") en wij ontdekten de schoonheid van "liedjes in het klein", een term die een paar jaar later door de Engelsen en Amerikanen zo treffend "Unplugged" werd genoemd. Hoewel onze ontdekkingsreis daarmee niet in 1 keer was geslaagd, was dat ene moment met Crowded House wel heel bijzonder: het liedje werd een wereldwijde hit, zanger/gitarist/songschrijver Neil Finn refereerde vaak aan die kale uitvoering van de hit, het 2 Meter-publiek vond de uitvoering heel bijzonder en wij van het 2 Meter-team hadden in één keer een prachtig concept te pakken. Een concept dat tot aan de dag van vandaag nog altijd staat als een huis.

Afgelopen week namen we met Crowded House weer een 2 Meter Sessie op. Sessie nummer 1450 om precies te zijn. Ruim 23 jaar na de eerste ontmoeting. Tussen toen en nu is de familie Finn (Neil, Liam, Tim) met enige regelmaat teruggeweest in de studio. En naar het schijnt blijft dat nog wel even zo, want Crowded House en Nederland voelt als vier handen op één buik. Wij Hollanders hebben het wel met de Nieuw-Zeelanders. En niet alleen omdat wij van Oud-Zeeland zijn en zij van Nieuw-Zeeland. Neil Finn heeft zijn liefde voor ons land meerdere malen uitgeroepen en hij durfde het op het nieuwe album zelfs aan om een liedje aan onze hoofdstad te wagen. En daar zijn wij dan weer trots op!

Het optreden van afgelopen weekend was trouwens redelijk uniek. Maar eerlijk gezegd was dat om heel andere redenen dan de kwaliteit van de liedjes. Die was meer dan goed, maar wat het optreden zo bijzonder maakte was de manier waarop de groep twee uur lang met publiek en zichzelf speelde. De vijf Crowded House-mannen waren zichtbaar blij met de uitverkochte zaal, maar ze waren vooral zo uitgelaten omdat hun nationale voetbalelftal die middag een punt in de wacht had gesleept op het WK Voetbal. Tegen het stinkendrijke en zwaarprofessionele Italië had het elftal van Nieuw-Zeeland heroïsch gelijkgespeeld. Eerder op de middag hadden Neil Finn en bassist Nick Seymour me al toegefluisterd dat het natuurlijk onmogelijk was om te dromen van 1 of 2 punten, maar als het dan toch zou gebeuren dan zou Amsterdam de blijheid van de Nieuw-Zeelanders gaan voelen.

Meteen al bij de start van het optreden zag ik...

Log in en lees verder
1 reactie(s)
Op die manier wordt popmuziek meer theater en minder muziek!
Geplaatst door: Jan Douwe Kroeske  03-06-2010 at 13:28:00 

We zitten halverwege het jaar 2010, de eerste outdoorfestivals zitten er op en een vlugge blik op de Nederlandse muziekscene levert een overduidelijke constatering op: de Nederlandse muziek staat er stevig en goed voor. Had je tien jaar geleden de voorspelling gedaan dat Nederlandse muzikanten met gemak stadionconcerten zouden uitverkopen dan had ieder zichzelf serieus nemende criticus met de vinger naar het voorhoofd gewezen. Hoe anders kan het lopen: de gevestigde platenindustrie likt haar wonden, de nieuwe muziekmaatschappijen bewijzen dag in dag uit dat er wel degelijk economisch leven mogelijk is. En het publiek lijkt maar niet genoegd te krijgen van Nederlandse waar...

En de muzikanten zelf? Ze worden een bedrijf. Zie Guus, Marco, Blof, Kane, Anouk, Ilse, Andre (Rieu) en zo kan ik nog wel even door gaan. Ze zijn grote, strak georganiseerde ondernemingen, die langzaam maar zeker de taak van de oude platenmaatschappij aan het overnemen zijn. En het mooie van die ontwikkeling is dat de aanwas aan de spreekwoordelijke onderkant niet stokt: nieuwelingen als Caro Emerald, Lucky Fonz III, Alain Clarke en Miss Montreal kloppen aan de deur en verkopen ondertussen de HMH uit. Niemand kijkt meer gek op van het feit dat nieuweling Caro een avondje HMH boekt. Wedden dat het een doorslaand succes wordt?

Wat tien jaar geleden dus onmogelijk leek is nu waarheid. Oorzaak? De markt wordt vrijer. Hiermee doel ik op het feit dat steeds meer partijen zich op de live-markt storten. Dat moet ook wel, want hoewel vinyl, cd en downloads een bron van inkomsten zijn, is de live-markt een groeimarkt, juist voor muzikanten, die liever live spelen dan al te veel bezig zijn met een product dat aan commerciële waarde aan het inboeten is...

Log in om verder te lezen...
0 reacties